Taks op effectenrekeningen en IBKR: wanneer betaal je?
Bijgewerkt: 21-10-2026
Geldt de effectenrekeningtaks voor je IBKR-rekening? Drempel van €1 miljoen, nieuw tarief van 0,30 %, de vier peildata, aangifte en betaling.
De jaarlijkse taks op de effectenrekeningen geldt ook voor je rekening bij Interactive Brokers zodra de gemiddelde waarde boven €1.000.000 uitkomt. Sinds de programmawet van 30 mei 2026 bedraagt het tarief 0,30 % voor referentieperiodes die op of na 1 juni 2026 eindigen; daarvoor was het 0,15 %. Bij een buitenlandse rekening geef je de taks in de regel zelf aan en betaal je ze uiterlijk op 31 augustus van het jaar na de referentieperiode.
Voor wie geldt de taks?
De taks treft rekeningen van Belgische inwoners, waar ter wereld de rekening ook loopt. Een rekening in Ierland ontsnapt er dus niet aan. Enkele punten om te onthouden:
- De drempel geldt per rekening, niet per persoon. Twee rekeningen van elk €700.000 zijn niet belast.
- Rekeningen opsplitsen of omzetten enkel om onder de drempel te blijven, kan onder een antimisbruikregel vallen.
- Bij een gezamenlijke rekening zijn alle titularissen hoofdelijk gehouden tot betaling.
- Houdt je buitenlandse instelling de taks niet in via een erkende Belgische vertegenwoordiger, dan ben je als titularis zelf aan zet. Ga ervan uit dat dit bij IBKR het geval is, tenzij je overzichten uitdrukkelijk een Belgische inhouding vermelden.
Hoe de gemiddelde waarde berekend wordt
De referentieperiode loopt van 1 oktober tot 30 september. Binnen die periode zijn er vier peildata: 31 december, 31 maart, 30 juni en 30 september. Je telt de waarde van de rekening op die vier momenten op en deelt door vier. Het gaat om de volledige waarde van de effectenrekening: aandelen, trackers, obligaties en andere financiële instrumenten, maar ook de cash die erop staat.
Eén piek of dip maakt het verschil dus niet; het gemiddelde telt.
Tarief en begrenzing
- 0,15 % voor referentieperiodes die uiterlijk op 31 mei 2026 eindigen, zoals de periode die liep tot 30 september 2025.
- 0,30 % voor referentieperiodes die vanaf 1 juni 2026 eindigen. De periode van 1 oktober 2025 tot 30 september 2026 is de eerste aan het nieuwe tarief.
De taks wordt berekend op de volledige gemiddelde waarde, niet enkel op het deel boven het miljoen. Om een bruuske sprong te vermijden, bedraagt ze nooit meer dan 10 % van het verschil tussen het gemiddelde en €1.000.000. Aan 0,30 % speelt die begrenzing geen rol meer vanaf een gemiddelde van €1.030.927,84; aan 0,15 % vanaf €1.015.228,42.
Rekenvoorbeeld
Je IBKR-rekening was waard:
- €980.000 op 31 december 2025;
- €1.010.000 op 31 maart 2026;
- €1.040.000 op 30 juni 2026;
- €1.050.000 op 30 september 2026.
Samen is dat €4.080.000, gedeeld door vier geeft een gemiddelde van €1.020.000. De taks aan 0,30 % zou €3.060 zijn, maar de begrenzing is 10 % × €20.000 = €2.000. Je betaalt dus €2.000. De aangifte moet ingediend zijn tegen 15 juli 2027, de betaling uiterlijk op 31 augustus 2027.
Bij een gemiddelde van €1.100.000 werkt de begrenzing niet meer: 0,30 % geeft €3.300, terwijl de grens op €10.000 ligt. Dan betaal je de volle €3.300.
Stap voor stap
- Open in het IBKR Client Portal bij Performance & Reports en Statements een Activity Statement met periode Daily voor elke peildatum.
- Noteer telkens de totale nettowaarde van de rekening, inclusief cash. Staat je basismunt niet op euro, reken dan om tegen de koers van die dag.
- Tel de vier waarden op en deel door vier.
- Komt het gemiddelde boven €1.000.000, vul dan de aangifte in de jaarlijkse taks op de effectenrekeningen in, via de toepassing voor diverse taksen op MyMinfin of met het formulier dat bij de juiste referentieperiode hoort.
- Dien de aangifte in uiterlijk op 15 juli van het jaar na het einde van de referentieperiode.
- Betaal de taks uiterlijk op 31 augustus van dat jaar en bewaar de vier overzichten als bewijs.
Veelgemaakte fouten
- Denken dat een buitenlandse rekening buiten de taks valt.
- Voor de periode tot 30 september 2026 nog met 0,15 % rekenen.
- De cash op de rekening vergeten mee te tellen.
- Enkel naar de waarde op het einde van het jaar kijken in plaats van naar de vier peildata.
- De begrenzing niet toepassen en zo te veel betalen net boven het miljoen.
- Te laat betalen, waardoor nalatigheidsinterest begint te lopen.
Kom je in de buurt van het miljoen, dan loont het om elk kwartaal je overzicht te bewaren: achteraf de juiste waarde op een peildatum reconstrueren is lastig. Voor de rest van je aangifte, met de beurstaks per maand, het bedrag voor code 1444 en je meerwaarden, kun je je IBKR-overzicht door Brokers.tax laten doorrekenen, zodat je niet op het laatste moment aan het puzzelen bent.